Literatuur Liespijn

Wetenschappelijke artikelen

In onderstaande pdf-links vindt u wetenschappelijke artikelen. Klik op de link om het betreffende artikel te downloaden.

    

     

Overzicht van publicaties met betrekking tot liespijn

 

Chronic sequelae of common elective groin hernia repair

Loos MJ, Roumen RM,  Scheltinga MR.

Hernia. 2007 Apr;11(2):169-73.

Ten eerste deden wij een evaluatie van ongeveer 2000 liesbreukpatiënten die in ons opleidingsziekenhuis waren geopereerd met ofwel een open liesoperatie waarbij een matje via de lies werd geplaatst (3/4 van de mensen) of met behulp van de zogenaamde kijkoperatietechniek (laparoscopie) (1/4 van de patiënten).

Uit deze gegevens blijkt dat de rond de 10% van de patiënten toch één of andere vorm van belastende pijn na een liesbreukcorrectie houdt, waarbij dit bij 2% van de totale groep als zeer ernstig wordt geclassificeerd. Een substantieel deel van deze laatste groep mensen heeft onder andere belangrijke beperkingen bij hun werk.

    

Classifying post-herniorrhaphy pain syndromes following elective inguinal hernia repair

Loos MJ, Roumen, RM,  Scheltinga MR.

World J Surg. 2007 Sep;31(9):1760-5; discussion 1766-7.

Als gevolg op de eerste studie werden nu de patiënten met chronische pijn verder nagekeken en ingedeeld in type pijnsyndromen. Bij bijna 150 patiënten kon de volgende indeling worden vastgesteld: - de helft heeft een pijn die berust op een zenuwbeknelling, - één derde heeft een andere pijn zoals een overbelastingspijn op het schaambot, recidief liesbreuk en wat zeldzamere aandoeningen zoals slijmbeursontstekingen, - en bijna één kwart van de patiënten wordt gediagnosticeerd met een chronisch gevoelige zaadstreng. Het betrof hier immers veelal mannen die voor een liesbreuk waren geopereerd. Deze indeling maakt een gerichte behandeling voor chronische liespijn na liesbreukchirurgie mogelijk.

   

Evaluating postherniorrhaphy groin pain: Visual Analogue or Verbal Rating Scale?

Loos MJ, Houterman S, Scheltinga MR, Roumen RM.

Hernia. 2008 Apr;12(2):147-51.

Uit de inventarisatie studies naar chronische pijn na liesbreukchirurgie kwam naar voren dat de pijn op verschillende manieren gescoord kan worden. In de literatuur wordt hiervoor een zogenaamde VAS schaal gebruikt (visual analogue scale) waarbij de betrokkene een cijfer geeft aan de pijn waarbij 0 géén pijn betekent en 100 een onhoudbare pijnscore. Een andere methode om de pijn te graderen kan gedaan worden met woorden, zoals bijvoorbeeld: ‘geen pijn’, milde pijn, matige pijn of ernstige pijn. Deze studie onderzochten wat de meest handzame en betrouwbare methode is om pijn na liesbreukchirurgie te classificeren. Wij kwamen tot de conclusie dat vooral de methode met de woorden eenvoudig en goed reproduceerbaar is.

 

A randomised controlled trial of injection therapy versus neurectomy for post-herniorrhaphy inguinal neuralgia: rationale and study design.

Loos MJ, Verhagen T, Scheltinga MR, Roumen, RM .

Hernia. 2010 Dec;14(6):593-7.

Hier beschrijven wij de studie-opzet, waarbij we uitzoeken wat de beste strategie van behandeling is voor chronische liespijn na eerdere liesbreukchirurgie met een uitwendig geplaatst matje. Ook deze studie is uiteraard goedgekeurd door de Medisch Ethische ToetsingsCommissie en er zijn twee behandelingsgroepen: a. 27 patiënten die met injecties worden behandeld (en daarna eventueel kunnen worden geopereerd) en b. 27 andere patiënten die meteen een neurectomie (zenuwdoorsnijding) krijgen.

De resultaten worden in 2013 verwacht en nader geanalyseerd en dan gepubliceerd.

    

The Pfannenstiel incision as a source of chronic pain

Loos MJ, Scheltinga MR, Mulders LG, Roumen  RM. .

Obstet Gynecol. 2008 Apr;111(4):839-46.

Op basis van onze ervaringen, vooral bij mannen met pijn na eerdere liesbreukchirurgie, kwamen wij steeds meer in aanraking met vrouwelijke patiënten die een vergelijkbare pijn hadden, die bleek te berusten op zenuwbeknelling in de lies na een eerdere uitgevoerde keizersnede. De keizersnede kon zijn gedaan omwille van een bevalling, maar ook omwille van het verwijderen van de baarmoeder. Dit is voor gynaecologen de meest gebruikelijke operatietechniek voor beide ingrepen.

Bijna 900 vrouwen ontvingen een enquête over de eventuele klachten samenhangend met deze operatie. Ook nu weer waren we verbaasd over het hoge percentage chronische pijnklachten. Matig tot ernstige pijn werd gerapporteerd door 7% van de vrouwen, terwijl 9% aangaf in dagelijkse activiteiten door pijn in het litteken beperkt te zijn. Ook nu bleek in meer dan de helft van de gevallen de pijn te berusten op zenuwbeknelling, hetgeen we vaststelden door patiënten met ernstige pijn uitgebreid na te kijken. De conclusie was dan ook dat het vóórkomen van liespijn na een eerdere keizersnede een niet ongewone bevinding was.

   

Surgical management of inguinal neuralgia after a low transverse Pfannenstiel incision

Loos MJ, Scheltinga MR, Roumen RM.

Ann Surg. 2008 Nov;248(5):880-5. doi: 10.1097/SLA.0b013e318185da2e.

In deze studie doen we verslag van de chirurgische behandeling van patiënten met zenuwpijn (neuropathische pijn) na een eerdere keizersnede. De behandeling bestond in eerste instantie steeds uit het toedienen van injecties, al of niet gecombineerd met corticosteroïden. Dit was met blijvend gunstig resultaat toepasbaar bij 15% van de patiëntengroep. De overige patiënten werden geopereerd, waarbij in driekwart van de gevallen de resultaten uitstekend tot goed waren, in 14% matig en in 13% slecht. In een latere, nog niet gepubliceerde studie,  bij een grotere patiëntengroep konden dezelfde resultaten worden bevestigd. (Tim Verhagen, artikel voor publicatie aangeboden).

De conclusie is dan ook dat bij patiënten met pijn na een eerdere keizersnede die blijkt te berusten op een beknelling van de lieszenuwen, het opereren van deze zenuwen en het uitvoeren van een neurectomie zinvol is, indien een injectiestrategie niet slaagt.

   

Tailored neurectomy for treatment of postherniorrhaphy inguinal neuralgia

Loos MJ, Scheltinga MR, Roumen RM.

Surgery. 2010 Feb;147(2):275-81.

Hier rapporteren wij de eerste behandelingsresultaten van de neurectomie bij patiënten met chronische liespijn na eerdere liesbreukchirurgie. Deze uitkomsten zijn vergelijkbaar met die zoals hierboven vermeld bij de keizersnedes. De helft van de overwegend mannen was pijnvrij na operatie, een kwart had een redelijk resultaat op de pijnbeleving en bij het overige kwart van de patiënten was er geen verbetering. Bovendien bleek uit onze analyse dat er bij de betrokken chirurgen (Roumen & Scheltinga) een leercurve effect was bij deze vorm van chirurgie.

 

Occupational disability due to chronic postherniorrhaphy neuralgia: a plea for tailored neurectomy.

Loos MJ, Lemmers ChHC, Heineman E,Scheltinga MR,  Roumen RM.

Tenslotte werd nog een studie uitgevoerd naar de impact van dergelijke liespijn na liesbreukchirurgie op werkgelegenheid en arbeidsongeschiktheid. Uit onze data bleek dat de helft van de patiënten die eerder arbeidsongeschikt waren geraakt door hun liespijn, na hun operatie waarbij een neurectomie al of niet gecombineerd met een matverwijdering werd uitgevoerd, weer terug konden keren in het arbeidsproces. Berekend wordt dat dit voor de Nederlandse gemeenschap enorme besparingen kan opleveren ten aanzien van de uitkeringsgelden. Daarmee is het uitvoeren van een neurectomie ook een sociaal economisch een zeer effectieve behandelingstrategie (artikel voor publicatie aangeboden).

   

Endometriose

T.Verhagen

Uit de analyse van de gegevens met betrekking tot pijnklachten bij patiënten met een keizersnede kwam naar voren dat een kleine groep patiënten cyclisch last heeft van een vervelende pijnlijke knobbel in het litteken, hetgeen blijkt te berusten op endometriose. Dit is een knobbel bestaande uit weefsel dat afkomstig is van het baarmoederslijmvlies, hetgeen mee reageert met de hormonale cyclische veranderingen van het lichaam. Afhankelijk van de plaats van een dergelijke knobbel kan dit leiden tot vervelende lokale pijnklachten. Wij beschreven de resultaten van onze behandelingstrategie bij 27 van dergelijke patiënten. Het is van belang om een dergelijke knobbel, die zich soms wat diffuus uitgebreider in het onderhuidse vetweefsel tot op de buikspier en schaambot bevindt, ruim en radicaal te verwijderen. Bij een kwart van de patiënten kwam namelijk na verloop van tijd toch een dergelijke zogenaamde recidief-knobbel met pijnklachten weer terug (artikel voor publicatie aangeboden).

   

Dysejaculatie.

T.Verhagen

Op basis van onze analyses en interviews met mannen die behandeld werden voor chronische liespijn na eerdere liesbreukchirurgie, bleek dat een belangrijk deel van deze mannen klaagde over een pijnlijke zaadlozing. Dit wordt in de medische literatuur dysejaculatie genoemd. De pijn kan variëren van kortstondig en matig tot langdurig en zeer intensief. Uiteraard is dit een zeer ernstig kwaliteit van leven beïnvloedende factor, waar tot op heden echter te weinig aandacht aan besteed is. Wij interviewden onze eerste 100 mannen met chronische pijn na liesbreukchirurgie die een neurectomie of een gedeeltelijke zenuwbehandeling met matverwijdering ondergingen. Op de eerste plaats bleek dat 1 op de 3 mannen dergelijke vervelende dysejaculatie klachten hadden, soms zodanig dat dit het seksuele leven volledig verstoorde. Na de door ons uitgevoerde operatie bleek dat bij 2 op de 3 mannen deze klachten waren verdwenen.

 

Trials

  1. LiespijnTrial
    Het effect van een neurectomie vergeleken met dat van een injectie met lidocaïne, corticosteroïden en hyaluronzuur op chronische liespijn na chirurgisch liesbreukherstel. METC no 0543, NTR814, ISRCT71787.
  2. PARADE Trial
    Effect vergelijking van lichtgewicht mesh (Parietene® self-fixing semi-resorbable mesh) met een standaard polypropyleen mesh (Marlex®; Bard) op chronische liespijnontwikkeling. METC no volgt nog, NTR1212, ISRCTN.  

Wilt u een afspraak maken of heeft u vragen?

Liespijn
(040) 888 85 51

Openingstijden
Maandag tot en met vrijdag
08.30 uur tot 17.00 uur

Routebeschrijving